Vrouwen op hakken? Liever niet…

Op verzoek een aantal oude columns op mijn blog, dit is er één van. Originele versie: 10.06.2010

Venijnig staart het me aan. Hoe ik me ook wend of keer, op de één of andere manier krijg ik het wit met zwarte gevaarte elke keer weer in het vizier. Ik zucht, loop naar de waterkoker om een kop koffie te zetten en draai me om. Damn, het ligt er nog steeds. Eerst omkleden dan maar, m’n mail voor de twintigste keer checken en nog wat tokkelen op m’n gitaar. Ondertussen kruipen de minuten voorbij. Een onaangenaam gevoel overvalt me en ik kijk voorzichtig om de hoek van de slaapkamerdeur. Wat ik zie, bevalt me niet. Het ding heeft zich nog steeds met geen vin verroerd. Ik ga op bed liggen, sluit m’n ogen en droom langzaam weg. Een half uur later schrik ik op en kijk op de wekker. Oké Syl, geen smoesjes meer, je moet er nu toch echt aan geloven!

Ik verzamel al m’n moed bij elkaar en marcheer met opgeheven hoofd de woonkamer weer in, het vervelende gevoel in m’n maag negerend. Daar ligt het, dreigend en onheilspellend op de eettafel, nog net zo als waar ik het twee uur geleden heb achtergelaten. Ik had gehoopt dat zijn ontzagwekkende omvang na verloop van tijd wat minder indruk op me zou maken, maar niets is minder waar. Voorzichtig steek ik m’n hand uit en til het een stukje op. Wat ik nu zie bevalt me nog minder dan die eerste aanblik. Nog een stukje wordt opgetild, maar ook hier wordt ik niet vrolijker van. O God, en dit noemen ze een samenvatting?! Ontelbare pagina’s met uiterst weinig witte regels tussen de verschillende stukken tekst. Ik haal diep adem, pak de stapel met beide handen op en plof neer op de bank. Oké, rustig ademhalen en gewoon bij het begin beginnen…

Ik moet zeggen dat het studentenleven me erg goed bevalt. Na een eerste jaar dat niet helemaal vlekkeloos verliep, voel ik me nu als een vis in het water in wat naar het schijnt de groenste universiteit van Brabant is. Ik heb m’n eigen stekkie, weet precies wanneer de stoplichten die op mijn fietsroute naar de universiteit staan op groen springen en leer de cafés in de stad steeds beter kennen. Het standaard en ietswat uitgekauwde gezegde dat je studententijd de beste tijd van je leven is, zou toch zomaar wel eens waar kunnen zijn! Naar mijn idee zou je je studententijd kunnen vergelijken met een vrijgezellenfeest voor je bruiloft. Nog heel even uitstel op wat je de rest van je leven zult gaan doen en wat ongetwijfeld ook mooie jaren zullen worden, maar toch ook iets waar je in principe onherroepelijk aan vast zit.

Hoewel het studentenleven allemaal mooi en prachtig is, is er toch altijd één klein detail dat er om de zoveel tijd voor zorgt dat de utopie van colleges volgen, stapavonden, terrasjes pakken en gezellige lunches in de mensa wordt overschaduwd door een dreigende grote zwartgrijze wolk, die onheilspellend boven de campus hangt. De studenten veranderen van goedlachse, gezellige we-houden-wel-van-een-feestje UvT-gangers in grauwe wallen-onder-de-ogen-hangende bibliotheekmuizen. Iedereen gaat eronder gebukt en niemand ontkomt eraan. De Tentamens. Op enkele velletjes papier moet je in twee à drie uur nauwkeurig neer kunnen pennen wat je de afgelopen periode geleerd heb. Een motivatie met voldoende argumenten en verwijzingen naar rechtspraak en wetsartikelen is hierbij een vanzelfsprekend vereiste. De zweetlucht in het sportcentrum komt voor enkele weken niet langer van de mannelijke studenten die opzichtig een poging doen tot het kweken van een wasbordje of van de vrouwen die zich fanatiek in het zweet werken bij zumba of de spinninglessen, maar van honderden studenten die in de sportzalen achter houten tafels en op simpele klapstoeltjes schrijven alsof hun leven ervan af hangt. Ook in collegezalen klinkt gezucht en gesteun, vergezeld van fronsende gezichten en wanhopige gezichtsuitdrukkingen van studenten die zich ineens afvragen of ze ooit wel eens eerder gehoord hebben van conditio sine qua non-verbanden, de formule van Radbruch of de materiële vragen van art. 350 Strafvordering.

Terwijl ik dan in zo’n collegezaal samen met mijn medestudenten op een tentamen ploeter, zijn er naast het gezucht en gesteun, de wanhopige blikken en een af en toe indringende zweetlucht van angst, altijd nog een aantal andere factoren die bij elk tentamen weer terugkomen. De eerste daarvan zijn de surveillanten. Mannen en vrouwen van rond de zestig die drie uur lang naar gebogen hoofden moeten kijken en van de ene naar de andere kant van de zaal ‘sprinten’ om de studenten van extra blaadjes en eventuele pen te voorzien, in geval van gebrek aan een klok regelmatig de tijd mededelen en studenten met een zwakke blaas begeleiden naar het toilet. De instelling van de surveillanten verschilt sterk. De één marcheert als ware dictator door de zaal en deelt vergenoegd (inclusief sadistisch lachje) mee dat er nog vijf minuten te gaan zijn voordat de blaadjes ingeleverd moeten worden, terwijl de ander ter morele ondersteuning bemoedigende glimlachen en een zeldzaam schouderklopje uitdeelt. Toen ik begin dit jaar door de sneeuw hijgend een half uur te laat binnen kwam strompelen, was één van de surveillanten zo vriendelijk om me naar m’n plek te begeleiden en zelfs m’n tas mee uit te pakken. Daarna gaf hij me de opgavenblaadjes en wenste me met een knipoog en wat bemoedigende woorden succes. Helaas mochten zijn vriendelijke woorden niet baten, want ik haalde het tentamen niet, maar toch vond ik het zo attent dat ik hem spontaan een knuffel had willen geven.

Voor deze vrijwilligers is er natuurlijk vrij weinig aan om drie uur lang in een zaal te bivakkeren, maar dit weten ze gelukkig op te lossen door een kop koffie te drinken, de krant te lezen of een keer goed hun neus te snuiten. Deze activiteiten gaan dan standaard gepaard met het nodige geslurp, geritsel en getetter.

Naast de af en toe wat luidruchtige surveillanten kunnen ook mijn medestudenten de nodige decibellen produceren. Het openen van een blikje cola en een pak koekjes of een kuchje op z’n tijd zijn natuurlijk geen probleem, al kun je twee van de drie activiteiten natuurlijk makkelijk  al vóór aanvang van het tentamen uitvoeren. Er zijn echter twee dingen waar ik me echt gruwelijk aan stoor. De eerste heeft betrekking op het dichtklappen van de collegetafeltjes als je klaar bent met het tentamen. Het is algemeen bekend dat het merendeel van de scharnieren van deze tafeltjes niet echt goed gesmeerd is, zodat er regelmatig geknars en gepiep door de zaal klinkt naarmate de drie uur gestaag vorderen. Ik wil dan ook vriendelijk doch dringend verzoeken om de tafeltjes gewoon te laten voor wat ze zijn en de surveillanten deze na afloop van het tentamen dicht te laten klappen. ‘Daar zijn deze mannen en vrouwen immers voor’, liet één van hen me een keer in goed vertrouwen weten.

De allergrootste ergernis is echter het dragen van hakken. Het geklikklak dat door de zaal echoot zorgt altijd weer voor geïrriteerde blikken en het verlies van de concentratie. Bovendien let echt niemand zo’n dag op wat voor schoenen je draagt en draagt het daarnaast ook echt niet bij aan het beter begrijpen van de stof, dus waarom zou je ze aantrekken? Daarom bij deze een oproep aan alle vrouwen (en enkele man): laat je hakken thuis!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: